Los nummer
2024.02
€15,00
Inhoud
- Tjeerd van der Ploeg, Sir Charles Villiers Stanford (1852-1924)
- Bart Verheyen, A Child of Books — een nieuw werk voor orgel en kinderen
- Pieter Vanhaecke en Johan Zoutendijk, De restauratie van het Clerinx-orgel (1861)
in de Sint-Odulphuskerk te Borgloon - Edward Vanmarsenille, Enkele impressies bij de restauratie
- Louis Ide, Het Petrus-Joannes Vereecken-orgel (1869) te Dikkele (Zwalm)
- Ontwikkelingen in het orgelrestauratiebeleid — deel 2: Brussel
- Ignace Michiels, In memoriam Roger Deruwe (1925-2024)
- Stijn Hanssens, In memoriam Kristiaan Van Ingelgem (1944-2024)
- Nieuwe uitgaven | Berichten | Concertagenda| Overzicht tijdschriften
Toelichting
- Tjeerd van der Ploeg, Sir Charles Villiers Stanford (1852-1924)
De Ierse componist Charles Villiers Stanford (1852-1924) overleed dit jaar precies honderd jaar geleden. Na vele jaren waarin deze componist in de vergetelheid dreigde te raken neemt de interesse in leven en werk van deze markante Ier weer toe.
Geboren in Dublin in 1852 kreeg de jonge Charles van huis uit een gedegen opleiding onder andere door pianolessen van zijn moeder. Zeer betekenisvol was de plaatselijke kathedraalorganist Robert Prescott Stewart die Stanford onderwees in de orgelkunst en de Anglicaanse kerkmuziek. In het Theatre Royal en Queen’s Royal Theatre van de Ierse hoofdstad leerde hij een groot operarepertoire kennen. Via Joseph Robinson kwam Stanford in aanraking met de muziek van Bach en Beethoven en de Irish folk tunes.
Vanaf 1870 zette hij zijn studies als dirigent en organist voort in Cambridge. Deze werden gevolgd door enkele vaste aanstellingen. Tussentijds vertrok Stanford naar Duitsland om compositie te studeren bij Carl Reinecke in Leipzig. Deze lessen waren niet succesvol waarop de jonge student zijn heil zocht bij Friedrich Kiel in Berlijn. Zijn onderricht waarbij de muziek van Beethoven, Mendelssohn en Schumann model stond, viel wel in goede aarde. Vanaf de oprichting van het Royal College of Music (RCM) in Londen (1883) werd Stanford aangesteld als compositieleraar en in de loop der jaren ontwikkelde hij een belangrijke status als zodanig. Het compositieonderwijs was evenwel zeer behoudend en vele van zijn studenten hielden slechte herinneringen over aan de soms grove wijze waarop Stanford met hen omging. Ralph Vaughan Williams en Herbert Howells bleven, hoewel ze als componist een geheel andere weg gingen, respectvol naar hun vroegere mentor. Ook het contact met de collega’s Charles Hubert Hastings Parry en Edward Elgar was bij tijd en wijle problematisch.
Stanford schreef in korte tijd vijf Organ Sonatas waarvan de stijl behoudend, en de uitwerking vaak clichématig is. Meer inspiratie is te horen in diverse van zijn overige orgelwerken.
In zijn behandeling van het orgel schijnt de orgelmethode van John Stainer ‘The Organ’ gediend te hebben.
De laatste jaren van zijn leven waren moeilijk voor Stanford omdat hij besefte dat zijn muziek uit de mode was geraakt. Dit jaar zal van 11 – 13 oktober in Dublin, de geboortestad van de componist, een Stanford Festival gehouden worden, honderd jaar na diens dood.