Los nummer
2019.04
€15,00
Uitverkocht
Inhoud
- Koos van de Linde, Arp Schnitger, een fascinerende orgelbouwer
- Joël Hooybergs, De restauratie van het Blasius Bremser-orgel van Schoonbroek (Antwerpen)
- Bart Wuilmus, Het Clerinx-orgel (1857) van de Sint-Martinuskerk in Groot-Gelmen
- Toelichtingen bij Orgelkunst-cd 17 met een bloemlezing uit het orgelwerk van Willem Ceuleers
bijlage bij het decembernummer: CD 17 - Willem Ceuleers: orgelwerken
Toelichting
- Koos van de Linde, Arp Schnitger, een fascinerende orgelbouwer
De vermaarde orgelbouwer Arp Schnitger, zoon van een timmerman, werd in 1648 geboren in Schmalenfleth in Noord-Duitsland. Ondanks zijn bescheiden afkomst lijkt hij een uitstekende opleiding te hebben genoten. Hij was goed onderlegd in het Latijn en maakte later indruk op zijn tijdgenoten door de omvang van zijn algemene kennis.
Hij leerde aanvankelijk het vak bij zijn vader en vervolgens het ambacht van orgelbouw bij zijn neef Berendt Huss. Het belangrijke instrument dat in 1687 voltooid werd voor de Nicolaikirche in Hamburg, bevestigde zijn reputatie. Tegen de tijd van zijn overlijden in 1719 had hij minstens 170 orgels gebouwd, waaronder instrumenten voor Portugal, Engeland en Rusland.
Hij was niet alleen een uitzonderlijk orgelbouwer, maar ook een uitstekend zakenman en een opmerkelijke organisator. Hij bouwde een indrukwekkend netwerk op, niet alleen onder musici, maar ook onder burgerlijke en kerkelijke autoriteiten. Dankzij een gedecentraliseerd systeem onder zijn toezicht kon zijn team van ervaren vaklieden op vele verschillende locaties orgels bouwen.
Hij stond ook bekend om zijn gulheid en leverde soms instrumenten tegen kostprijs aan kerken die het financieel moeilijk hadden. Ondanks zijn successen is hij echter nooit rijk geworden.
Als orgelbouwer was hij geen vernieuwer; hij gaf er de voorkeur aan bestaande tradities te ontwikkelen en te verfijnen. In zijn instrumenten wist hij een perfecte balans te creëren tussen standaardisatie en flexibiliteit. Soms moest hij afwijken van zijn gebruikelijke ontwerpen, wat resulteerde in een brede en gevarieerde productie. Veel van zijn voormalige leerlingen werden later zelf uitstekende orgelbouwers en zetten dezelfde stijl verder.
Hij wordt soms terecht vergeleken met Stradivarius. Ondanks de mythes en legendes die hun werk omgeven, waren beiden onbetwiste meesters in hun ambacht. Zonder persoonlijke pretenties bleven zij onovertroffen.